Over Stichting Reprorecht
4.1 Algemeen
Stichting Reprorecht is door de Minister van Justitie aangewezen om de wettelijke reprorechtvergoeding te innen en uit te keren. Organisaties van uitgevers, tekstauteurs en beeldmakers hebben Reprorecht daarnaast gemandateerd om vergoedingen voor bepaalde digitale vormen van hergebruik te innen. Zo is geborgd dat individuele rechthebbenden ook hiervoor hun vergoeding kunnen ontvangen: zonder collectieve regeling is dit vrijwel onmogelijk te organiseren. In de reprorechtregelingen zijn de wettelijke vergoeding voor fotokopiëren en de licentievergoeding voor digitaal hergebruik samengebracht. We hebben geen winstoogmerk.
De reprorechtvergoeding is een auteursrechtenvergoeding voor het op papier en digitaal kopiëren uit auteursrechtelijk beschermde werken en het delen van deze kopieën binnen bedrijven, organisaties, overheids- en onderwijsinstellingen in Nederland.
Het delen van informatie gebeurt iedere dag in de Nederlandse samenleving en kenniseconomie. Bedrijven, overheids- en onderwijsinstellingen maken (digitale) kopieën uit tijdschriften, boeken, kranten, en digitale versies daarvan zoals e-books en websites. Het delen van bijvoorbeeld actuele vakinformatie is belangrijk voor de professionele kennis van medewerkers en de groei van een bedrijf.
Dit soort informatie is met zorg gemaakt door journalisten, wetenschappers, auteurs, fotografen en uitgevers. Hun werk is beschermd door het auteursrecht. Het delen van deze informatie is niet gratis. De makers (journalisten, wetenschappers, auteurs, fotografen, grafisch ontwerpers) en uitgevers van deze publicaties hebben recht op een vergoeding voor het (digitaal) kopiëren van hun auteursrechtelijk beschermd werk.
Met de reprorechtregelingen voor bedrijven en organisaties, overheidsinstellingen en onderwijsinstellingen int Reprorecht deze reprorechtvergoeding en zorgt Reprorecht dat de tekstauteurs, beeldmakers en uitgevers de vergoeding ontvangen.
Reprorecht fungeert als het 1-loket: een efficiënte keten van de inning bij individuele bedrijven, instellingen en organisaties tot en met de verdeling van de reprorechtvergoedingen aan individuele rechthebbenden: ‘eenvoudig en eerlijk geregeld’.
Bedrijven, organisaties, overheids- en onderwijsinstellingen kunnen zo voor een passend bedrag waardevolle informatie eenvoudig en eerlijk blijven delen. De rechthebbenden krijgen een eerlijke vergoeding voor het (digitaal) kopiëren van hun vakwerk. De reprorechtvergoeding draagt eraan bij dat zij hun werk kunnen blijven doen, en dat er een breed en kwalitatief hoogwaardig aanbod van professionele, actuele en creatieve informatie blijft voor de bedrijven, organisaties en het onderwijs.
4.2 Onze visie
De informatiesamenleving en het delen van informatie
De informatiesamenleving en het delen van informatie
Informatie is overal en altijd beschikbaar. De ontwikkeling van de samenleving en economie is gebaseerd op het delen en het gebruik van informatie. Dit leidt tot meer kennis en vooruitgang in Nederland. Op macroniveau, voor de samenleving als geheel, maar ook op het microniveau van individuele bedrijven en organisaties. Het delen van informatie is in veel organisaties aan de orde van de dag. Bedrijven, overheids- en onderwijsinstellingen hebben bijvoorbeeld abonnementen op vakbladen en kopen boeken die voor hen relevant zijn. Collega’s e-mailen krantenartikelen of gebruiken een overzicht uit een vakblad in een presentatie om elkaar op de hoogte te houden van de laatste ontwikkelingen op hun vakgebied en in de wereld.
De waarde van informatie
De waarde van informatie
Voor de bedrijven en organisaties is het van groot belang dat de informatie van hoge kwaliteit is. De hoge kwaliteit maakt de informatie waardevol en onmisbaar voor de dagelijkse praktijk. De teksten, foto’s en afbeeldingen waaruit de informatie bestaat, ontstaan dan ook niet zomaar. Professionele journalisten, auteurs, vertalers, fotografen, illustratoren, vormgevers en uitgevers besteden veel tijd en zorg aan de kwaliteit van hun vakwerk. De informatie heeft voor de individuele makers, vaak ZZP’ers, en ook voor uitgevers waarde als hun broodwinning, en hun creatieve werk is wettelijk beschermd door het auteursrecht. Het (digitaal) kopiëren van de informatie is dan ook niet gratis, ondanks dat veel waardevolle informatie via het internet beschikbaar is.
De reprorechtvergoeding voor hergebruik van informatie
De reprorechtvergoeding voor hergebruik van informatie
Als de informatie uit boeken, kranten, tijdschriften, e-books en afgeleide websites wordt gedeeld met collega’s, vermenigvuldigt het gebruik van de informatie. Dit noemen we hergebruik, of (digitaal) kopiëren. De vergoeding voor het hergebruik van deze informatie werkt als volgt.
Als incidenteel een artikel in een vakblad gescand en aan tien collega’s gemaild wordt, dan hebben deze tien mensen voordeel van het werk van de makers en uitgevers. Zij hebben het vakblad niet gekocht, maar gebruiken het wel om hun eigen kennis, en de kennis in de organisatie, te vergroten. Daarom is het logisch dat een organisatie voor dit hergebruik een vergoeding betaalt. Tekstauteurs, uitgevers en beeldmakers mogen volgens de Auteurswet een vergoeding vragen voor het maken van (digitale) kopieën van hun werk.
Het reprorecht eenvoudig geregeld
Het reprorecht eenvoudig geregeld
Het is natuurlijk heel lastig voor bedrijven om voorafgaand aan iedere kopie, iedere print, etc. opnieuw aan afzonderlijke tekstauteurs, beeldmakers of uitgevers te vragen of ze toestemming willen geven en om steeds opnieuw een prijs af te spreken. Dat geldt andersom ook voor de tekstauteurs, beeldmakers en uitgevers, die dit dan steeds moeten regelen met allerlei bedrijven en organisaties. Daarom verleent Stichting Reprorecht namens hen de toestemming voor (digitaal) kopiëren via de reprorechtregeling, en verdeelt de vergoedingen die bedrijven en organisaties betalen voor de regeling onder de uitgevers en makers van de teksten en afbeeldingen.
Zo zorgt Reprorecht ervoor dat het reprorecht eenvoudig en eerlijk is geregeld. Medewerkers kunnen gewoon door met hun werk, want voor de informatie die ze delen, is via de reprorechtregeling een passende vergoeding betaald. Daarmee heeft de organisatie aan de wettelijke verplichting voldaan. Tekstauteurs, beeldmakers en uitgevers ontvangen de reprorechtvergoeding voor het hergebruik van hun vakwerk. Mede door deze vergoeding kunnen organisaties en hun medewerkers gebruik blijven maken van een breed aanbod van informatie van hoge kwaliteit.
Maatschappelijke verantwoordelijkheid en de reprorechtvergoeding
Maatschappelijke verantwoordelijkheid en de reprorechtvergoeding
De reprorechtvergoeding voor het hergebruik van het werk van makers en uitgevers past binnen de maatschappelijke rol en verantwoordelijkheid die bedrijven en organisaties hebben. Zij maken onderdeel uit van de maatschappij en gebruiken informatie die een bepaalde waarde vertegenwoordigt. Door het betalen van de reprorechtvergoeding houden organisaties zich niet alleen aan de wet. Zij nemen ook hun maatschappelijke verantwoordelijkheid door terug te geven aan degenen die de informatie verzorgen die belangrijk is voor hun organisatie. Daarmee dragen bedrijven, overheids- en onderwijsinstellingen bij aan de Nederlandse kenniseconomie en een bloeiende creatieve sector.
De wettelijke basis van het reprorecht en de rol van Stichting Reprorecht
De wettelijke basis van het reprorecht en de rol van Stichting Reprorecht
Uitgevers, tekstauteurs, fotografen en andere makers hebben automatisch het auteursrecht over de tekst of het beeld dat zij maakten. Zij zijn ‘rechthebbenden’ en hun ‘werk’ is beschermd door het auteursrecht. Dit recht houdt in dat zij als enige mogen bepalen wat er met hun creatieve werk gebeurt en of iemand bijvoorbeeld moet betalen om hun werk te gebruiken. De tekst, foto en illustratie zijn maar een paar voorbeelden, dit recht geldt voor meer soorten werken. De Auteurswet is er om de rechten van makers en uitgevers te beschermen.
In de Auteurswet staat dat makers, zoals schrijvers, fotografen, uitgevers, vertalers, vormgevers en illustratoren, recht hebben op een vergoeding voor het fotokopiëren van hun werk: het reprorecht. Stichting Reprorecht is op 4 december 1974 opgericht door organisaties van auteurs en uitgevers en is door de Minister van Justitie bij Algemene Maatregel van Bestuur (met uitsluiting van ieder ander, het zogenaamde ‘Reprobesluit’) aangewezen om de wettelijke fotokopieervergoeding (van papier naar papier) te innen en te verdelen. Voor digitaal hergebruik (zoals scannen, e-mailen als bijlage, en opslaan) is wettelijk toestemming nodig van de makers en uitgevers. Organisaties van rechthebbenden – Stichting Lira (tekstmakers), Stichting PRO (uitgevers), Stichting Pictoright (beeldmakers) en Stichting FEMU (muziekauteurs en -uitgevers) – hebben Reprorecht aangewezen om de licentie voor digitaal hergebruik namens hen te verlenen als onderdeel van de reprorechtregeling. Zo is geborgd dat individuele rechthebbenden ook hiervoor hun vergoeding kunnen ontvangen: zonder collectieve regeling is dit vrijwel onmogelijk te organiseren. In de reprorechtregelingen zijn twee vergoedingen samengebracht: de wettelijke vergoeding voor fotokopiëren en de licentievergoeding voor digitaal hergebruik.
(Digitaal) kopiëren door bedrijven
(Digitaal) kopiëren door bedrijven
Bedrijven mogen (digitale) kopieën maken voor intern gebruik door de eigen medewerkers, op voorwaarde zij een billijke vergoeding betalen aan Stichting Reprorecht. In nauw overleg met de centrale werkgeversorganisaties VNO-NCW en MKB-Nederland heeft Reprorecht voor het Nederlandse bedrijfsleven een regeling getroffen waarbij ondernemingen een vaste vergoeding per onderneming betalen, die is gebaseerd op het aantal werknemers en het meest voorkomende kopieergedrag in een branche. In 2013 hebben de centrale werkgeversorganisaties VNO-NCW en MKB-Nederland en Reprorecht een convenant getekend met afspraken over verlenging van de regeling voor het bedrijfsleven, en uitbreiding van de regeling naar digitaal hergebruik. Op basis van gezamenlijk en onafhankelijk onderzoek naar het (digitale) kopieergedrag van werknemers zijn twee tariefschalen vastgesteld: één voor bedrijfstakken waarin relatief weinig gebruik wordt gemaakt van informatie en één voor bedrijfstakken waarin relatief veel gebruik wordt gemaakt van informatie. Reprorecht actualiseert periodiek de resultaten van het onderzoek. Zo blijft de vergoeding aansluiten bij de dagelijkse praktijk.
(Digitaal) kopiëren door onderwijs- en overheidsinstellingen, bibliotheken en andere instellingen
(Digitaal) kopiëren door onderwijs- en overheidsinstellingen, bibliotheken en andere instellingen
De rol van Stichting Reprorecht, de wettelijke basis en de mandaatbasis voor de regelingen gelden ook voor (digitaal) kopiëren binnen onderwijs- en overheidsinstellingen, bibliotheken en andere instellingen die werkzaam zijn in het algemeen belang. Zij mogen dus kopieën verstrekken aan hun leerlingen, eigen ambtenaren en andere bibliotheken voor onderlinge uitlening, op voorwaarde dat de instelling voor deze kopieën een billijke vergoeding betaalt aan Reprorecht.
Verdeling van de reprorechtvergoedingen
Verdeling van de reprorechtvergoedingen
Stichting Reprorecht verdeelt de vergoedingen op basis van steekproefgegevens over het hergebruik van de verschillende categorieën tekst- en beeldwerken. De jaarlijkse verdeling van de reprorechtvergoeding is gebaseerd op het Reglement Uitkeringen van Reprorecht, zoals goedgekeurd door het door de Minister van Justitie ingestelde College van Toezicht Auteursrechten (hierna: CvTA).
Transparante uitvoering in samenwerking met belanghebbenden
Transparante uitvoering in samenwerking met belanghebbenden
De overheid heeft gekozen voor zelfregulatie van het reprorecht. Vertegenwoordigers van tekstauteurs, beeldmakers en uitgevers vormen het toezichthoudend bestuur van Stichting Reprorecht, zodat de belangen van de rechthebbenden goed geborgd zijn. Daarnaast zijn de belangen van de verschillende groepen rechthebbenden geborgd door nauwe samenwerking met de vertegenwoordiging van organisaties van auteurs, uitgevers en beeldmakers, zoals de Auteursbond, de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen, de Nederlandse Vereniging van Journalisten, Stichting Lira, de Mediafederatie, Stichting PRO, Stichting FEMU en Stichting Pictoright. Anderzijds staat Reprorecht continu in contact met vertegenwoordigers van het Nederlandse bedrijfsleven en de koepelorganisaties van onderwijs en overheid. Zo zijn de afspraken tussen de centrale werkgeversorganisaties VNO-NCW en MKB-Nederland en Reprorecht vastgelegd in het Convenant Regeling Reprorecht Bedrijfsleven vanaf 2013.
De reprorechtregeling is blijvend in ontwikkeling. Reprorecht laat regelmatig onderzoek doen naar het gebruik van auteursrechtelijk beschermd materiaal. Zo wordt de Reprorechtregeling Zakelijk per 2025 uitgebreid met het gebruik van tekst en afbeeldingen in presentaties, het vertonen van de presentatie (intern en aan max. 100 externen), en het gebruik van losse teksten en afbeeldingen van professionele makers, al dan niet afkomstig van het internet. En na goedkeuring van het CvTA kunnen in 2025 ook de gebruiksvoorwaarden van de Reprorechtregeling Onderwijs worden uitgebreid.
Het CvTA ziet erop toe dat Reprorecht voldoende is toegerust om haar taken naar behoren uit te oefenen en bij de uitoefening van haar werkzaamheden voldoende rekening houdt met de belangen van betalingsplichtigen. Reprorecht is lid van de brancheorganisatie VOI©E (Vereniging van Organisaties die Intellectueel eigendom Collectief Exploiteren) en onderschrijft de VOI©E Governance Code CBO's.
Het belang van het reprorecht
Het belang van het reprorecht
Het reprorecht is belangrijk voor de kennisontwikkeling van Nederlandse organisaties en het voortbestaan van de creatieve sector. Daarmee versterkt het de kenniseconomie in Nederland. Dáár staat Stichting Reprorecht voor. Met een eerlijke en eenvoudige regeling zorgt zij ervoor dat organisaties waardevolle informatie kunnen blijven delen en dat makers hiervoor een passende vergoeding ontvangen, nu en in de toekomst.
4.3 Governance
Bestuursmodel
Het toezicht is georganiseerd middels een ‘toezichthoudend bestuur’, een model waarbij het statutair bestuur zowel de volgens de Wet toezicht aan haar opgedragen besluiten neemt als verantwoordelijk is voor het toezichthoudend proces binnen de stichting. Om deze reden hecht het bestuur veel waarde aan een voortdurend kritisch gesprek binnen het bestuur over het onderscheid tussen bestuur en toezicht. Uit het midden van het bestuur is een representatieve afvaardiging (presidium) benoemd, belast met de voorbereiding van het beleid en de lange termijnstrategie. Tevens houdt het presidium namens het bestuur toezicht op de uitvoering van het beleid door de directeur. Het presidium rapporteert daarover richting het voltallige bestuur.
Toezichtvisie
Het toezichthoudend bestuur vindt toezicht een onlosmakelijk deel van de governance. Het toezichthoudend bestuur ziet erop toe dat de reprorechtvergoedingen regelmatig, zorgvuldig en correct worden geïnd en uitgekeerd. Het toezichthoudend bestuur gaat na of de personen belast met de dagelijkse leiding deze taakuitoefening efficiënt en verantwoord leiden en geen onnodige risico’s nemen. Toetsen op cultuur en gedrag is onderdeel van het toezicht. Het toezichthoudend bestuur heeft gezamenlijk alle kunde en kennis en ervaring die daarvoor nodig is. Over het gevoerde beleid en de prestaties wordt jaarlijks in het transparantieverslag verantwoording afgelegd richting rechthebbenden en andere belanghebbenden. Als kader past het toezichthoudend bestuur naast de wet en de statuten en reglementen de VOI©E governancecode toe, en de volgende kernwaarden.
- Betrokkenheid – Reprorecht investeert in bestendige relaties met belanghebbenden, collega’s en partners.
- Helderheid – Reprorecht maakt de dingen eenvoudiger, niet moeilijker.
- Daadkracht – Reprorecht stelt zich positief, constructief en flexibel op.
- Onafhankelijkheid – Reprorecht blijft kritisch ten opzichte van zichzelf, belanghebbenden en partners.
Zelfevaluatie
Vanuit de toezichthoudende rol wordt meer dan voorheen gereflecteerd op zorgvuldige processen en of de reprorechtvergoedingen regelmatig, zorgvuldig en correct worden geïnd en uitgekeerd. Het bestuur evalueert zijn functioneren jaarlijks, in 2024 onder begeleiding van een extern deskundige. Naast de leden van het bestuur levert ook de directeur daarvoor input. De leerpunten, ook die betrekking hebben op de samenwerking met de directeur, worden besproken en geïmplementeerd voor zover dat relevant is. Aandachtspunt is de rust en ruimte die moet worden genomen om te reflecteren op resultaten en processen van inning en uitkering, gedrag en cultuur. Vermeden moet worden dat die aandacht naar de achtergrond schuift door een veelheid van governanceregels.
Gedragscode integriteit
Stichting Reprorecht heeft belangenconflicten gedefinieerd in haar statuten en reglementen. Reprorecht kiest ervoor daarover een oordeel te geven aan de hand van concreet aan de orde zijnde nevenfuncties. Er is een meldregeling vermoeden van een misstand of integriteitsschending zodat medewerkers zich veilig voelen om eventuele vermoedens van misstanden en onregelmatigheden zonder risico voor hun positie te kunnen melden. Bovendien is er in het kader van de Arbeidsomstandighedenwet een onafhankelijk vertrouwenspersoon voor het geval een medewerker te maken krijgt met ongewenst gedrag.
Competenties, professionalisering en diversiteit
Het toezichthoudend bestuur heeft gezamenlijk alle kunde en kennis en ervaring die nodig is. In 2023 heeft het bestuur een nieuw bestuurdersprofiel goedgekeurd, dat eraan bijdraagt dat de juiste kunde, kennis en ervaring geborgd blijft bij het aanwijzen en benoemen van nieuwe bestuursleden. Voor nieuwe leden verzorgt Stichting Reprorecht een inwerkprogramma. Reprorecht kent nog geen concrete opleidingsverplichting. Wel stimuleert Reprorecht opleiding en ontwikkeling door te wijzen op cursussen op het gebied van auteursrecht en governance die door VOI©E of andere organisaties worden aangeboden.
Met het oprichten van een auditcommissie is in 2021 een stap gezet naar professionalisering van het toezichthoudend bestuur op een belangrijk onderdeel van zijn taak. De auditcommissie bereidt de besluitvorming van het bestuur voor over het toezicht op de integriteit en kwaliteit van de financiële verslaggeving van de stichting en op de effectiviteit van de interne risicobeheersings- en controlesystemen van de stichting. Het bestuur is paritair samengesteld uit makers- en uitgeversvertegenwoordigers die door de representatieve rechthebbendenorganisaties worden aangewezen, plus een onafhankelijk voorzitter. Het bestuur bestaat uit zeventien personen: negen mannen en acht vrouwen, de gemiddelde leeftijd is 58 jaar. Informatie over hun achtergrond, opleiding en branche treft u aan in het overzicht (neven)functies op de website van Reprorecht.
Cultuur
Stichting Reprorecht beschrijft haar cultuur met de volgende kernwoorden: open, zorgvuldig, respectvol, verbindend, elkaar kunnen en durven aanspreken, een scherpe discussie aandurven.
Samenwerking met belanghebbenden
De overheid heeft gekozen voor zelfregulatie van het reprorecht. Stichting Reprorecht rekent in ieder geval de volgende partijen tot haar kring van belanghebbenden: vertegenwoordigers van tekstauteurs, beeldmakers en uitgevers vormen het toezichthoudend bestuur van Reprorecht, zodat de belangen van de rechthebbenden altijd voorop staan. Ook heeft Reprorecht overeenkomsten met haar buitenlandse zusterorganisaties. Daarnaast onderhoudt Reprorecht contact met vertegenwoordigers van het Nederlandse bedrijfsleven en de koepelorganisaties van onderwijs en overheid, namens de relaties die gebruikmaken van de reprorechtregeling. Zo zijn de afspraken tussen de centrale werkgeversorganisaties VNO-NCW en MKB-Nederland en Reprorecht vastgelegd in het Convenant Regeling Reprorecht Bedrijfsleven.
4.4 Transparantieverslag
Algemeen
Op grond van de Wet Toezicht en geschillenbeslechting collectieve beheersorganisaties en het Besluit transparantieverslag richtlijn collectief beheer moeten collectieve beheersorganisaties verdergaande informatie publiceren dan op basis van BW2 Titel 9 vereist is. Deze publicatieplicht betreft het zogeheten transparantieverslag, dat onderdeel uitmaakt van het directieverslag.
Een aantal vereisten voor het transparantieverslag zijn op grond van andere wet- en regelgeving reeds elders in het jaarverslag opgenomen:
- een kasstroomoverzicht
- een beschrijving van de wettelijke en bestuurlijke structuur
- informatie over verbonden partijen
- informatie over beloningen
- financiële informatie over rechteninkomsten
- financiële informatie over de kosten van rechtenbeheer
- de rechtstreeks onder rechthebbenden verdeelde bedragen
De overige vereisten voor het transparantieverslag worden hieronder toegelicht.
Te verdelen rechten
Een aantal specifieke vereisten zijn van toepassing op de presentatie in het transparantieverslag van de aan rechthebbenden verschuldigde bedragen.
De te verdelen rechten betreffen vrijwel volledig de nog niet in verdeling genomen bedragen die geïnd zijn in 2024 en die vallen binnen de wettelijke doorbetalingstermijn van negen maanden na afloop van het boekjaar waarin de gelden zijn geïnd.
4.5 Organisatie
Toezichthoudend bestuur
Toezichthoudend bestuur
Het toezichthoudend bestuur benoemt haar leden van representatieve organisaties van tekstauteurs, beeldmakers en uitgevers volgens een aanwijzingsprocedure die is uitgewerkt in de statuten en het bestuursreglement.
Auteursvertegenwoordiging
Auteursvertegenwoordiging
Zes personen vertegenwoordigende de tekstauteurs worden als volgt aangewezen:
- drie leden aangewezen door de Auteursbond;
- één lid aangewezen door de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen;
- één lid aangewezen door de Nederlandse Vereniging van Journalisten;
- één lid aangewezen door de Stichting Lira.
Twee personen vertegenwoordigende de beeldauteurs worden als volgt aangewezen:
- één lid aangewezen door de Beroepsorganisatie Nederlandse Ontwerpers, de Beroepsorganisatie Dutch Photographers en de Stichting Continuïteit Beeldrecht gezamenlijk;
- één lid aangewezen door de Stichting Pictoright.
Uitgeversvertegenwoordiging
Uitgeversvertegenwoordiging
Acht personen vertegenwoordigende de uitgevers worden als volgt aangewezen:
- drie leden aangewezen door de Mediafederatie op voordracht van Media voor Vak en Wetenschap;
- één lid aangewezen door de Mediafederatie op voordracht van de Groep Educatieve Uitgeverijen;
- één lid aangewezen door de Mediafederatie op voordracht van NDP Nieuwsmedia;
- één lid aangewezen door de Mediafederatie op voordracht van de Groep Algemene Uitgevers;
- één lid aangewezen door de Mediafederatie op voordracht van de Magazine Media Associatie;
- één lid aangewezen door de Nederlandse Muziek Uitgevers Vereniging.
De Mediafederatie coördineert haar aanwijzingen binnen het bestuur van Stichting Reprorecht zoveel mogelijk met haar benoemingen van de leden van het bestuur van de sectie PRO-mandaat van Stichting PRO. Op deze manier is Stichting PRO vertegenwoordigd in het bestuur van Reprorecht.
Mutaties 1 januari 2024 – 25 juni 2025
Mutaties 1 januari 2024 – 25 juni 2025
Teruggetreden: Alers (december 2024), Van Gompel (juni 2025). Benoemd: Verhoef (april 2025). Herbenoemd per januari 2025: Bekink, Boon, David, Van Gompel, Haagmans. Vacature: vanaf juni 2025.
Leden bestuur per 25 juni 2025
Leden bestuur per 25 juni 2025
| Rooster van aftreden |
Voordracht | Termijn vanaf | Termijn tot | |
|---|---|---|---|---|
| Mw. mr. G.J.A. Valkering, voorzitter * | o | 2017 | 2025 | |
| Dhr. C. Balk | u | Mediafederatie, MEVW | 2015 | 2026 |
| Mw. mr. A. Bekink | a | BNO, DuPho. en Continuïteit Beeldrecht | 2016 | 2027 |
| Dhr. P. Bon * | u | Mediafederatie, MEVW | 2016 | 2025 |
| Dhr. M.E. Boon § | u | Mediafederatie, GEU | 2021 | 2027 |
| Dhr. mr. M. David | u | Mediafederatie, GAU | 2017 | 2027 |
| Dhr. L. Duurinck, penningmeester *§ | u | Mediafederatie, MMA | 2020 | 2025 |
| Mw. J.J.M. Haagmans BA * | a | Lira | 2023 | 2027 |
| Mw. mr. H. Holthuis, vicevoorzitter * | a | Pictoright | 2019 | 2026 |
| Dhr. dr. F.J.M. Huijsmans | a | Auteursbond | 2023 | 2025 |
| Dhr. E. Janssen | u | NMUV en VMN | 2016 | 2025 |
| Dhr. drs. G.J. Schinkel | u | Mediafederatie, MEVW | 2018 | 2026 |
| Mw. mr. I. Terpstra | u | Mediafederatie, NDP | 2023 | 2026 |
| Mw. drs. F.A.M.L. Tonk | a | Auteursbond | 2023 | 2026 |
| Mw. A.C. Verhoef | a | Auteursbond | 2025 | 2025 |
| Mw. mr. A.R. de Winter § |
a | NVJ | 2020 | 2025 |
| Vacature | a | KNAW |
Overzicht van de (neven)functies van de leden
Overzicht van de (neven)functies van de leden
De bestuursleden en de directeur hebben, in het kader van artikel 2e derde lid jo artikel 2f derde lid van de Wet toezicht, verklaard dat zij in 2024 als rechthebbende geen reprorechtvergoedingen hebben ontvangen rechtstreeks van Stichting Reprorecht en dat zij geen direct of indirect persoonlijk belang hebben dat tegenstrijdig is met het belang van Reprorecht. Op de website van Reprorecht vindt u een overzicht van alle (neven)functies van de leden van het bestuur van Reprorecht.
Transparantie van het toezicht
Transparantie van het toezicht
Stichting Reprorecht hecht aan transparantie, zij heeft de VOI©E Governance code onderschreven. Het toezicht is georganiseerd middels een ‘toezichthoudend bestuur’, een model waarbij het statutair bestuur zowel de volgens de Wet toezicht aan haar opgedragen besluiten neemt als verantwoordelijk is voor het toezichthoudend proces binnen de stichting. Om deze reden hecht het bestuur veel waarde aan een voortdurend gesprek binnen het bestuur over het onderscheid tussen bestuur en toezicht. Uit het midden van het bestuur is een representatieve afvaardiging (presidium) benoemd, belast met de voorbereiding van het beleid en de lange termijnstrategie. Tevens houdt het presidium namens het bestuur toezicht op de uitvoering van het beleid door de aangestelde titulair directeur. Het presidium rapporteert daarover richting het voltallige bestuur. Elk jaar publiceren wij een openbaar jaarverslag voor het afleggen van verantwoording aan belanghebbenden, toezichthouders en overige geïnteresseerden. Het jaarverslag bevat eveneens de informatie die op grond van de implementatie van Richtlijn 2014/26/EU opgenomen moet worden in een jaarlijks transparantieverslag. De vereisten met betrekking tot het transparantieverslag worden in het bestuursverslag verwerkt. Waar deze vereisten onderdeel uitmaken van de jaarrekening wordt volstaan met de vermelding in de jaarrekening. Onze externe accountant heeft deze jaarrekening gecontroleerd. Reprorecht verzendt aan collectieve beheersorganisaties namens wie zij rechten beheert op grond van een vertegenwoordigingsovereenkomst jaarlijks een bekendmaking volgens artikel 2n Wet toezicht.
Risicobeheersing
Risicobeheersing
Het bestuur van Stichting Reprorecht is zich bewust van de risico’s die het gevolg zijn van haar activiteiten als collectieve beheersorganisatie. Reprorecht maakt voor haar operationele activiteiten gebruik van de diensten van Cedar B.V. Het bestuur en de directie van Reprorecht zijn verantwoordelijk voor het in overleg met Cedar onderkennen, analyseren en beheersen van de risico’s. De risico’s worden onderverdeeld naar strategische, governance-, financiële en operationele risico’s. De risicobereidheid van de stichting om haar doelstellingen te bereiken kan getypeerd worden als risicomijdend. Voor gesignaleerde risico’s worden maatregelen, met checks en balances, ter reducering getroffen.
Strategische risico’s: Reprorecht is sterk afhankelijk van de mandaten van Stichting Lira, Stichting Pictoright, Stichting PRO, Stichting FEMU en buitenlandse zusterorganisaties, van wet- en regelgeving op auteursrechtelijk gebied, alsmede van (technologische) ontwikkelingen in het gebruik van auteursrechtelijk beschermde werken. Ook is Reprorecht sterk afhankelijk van het behoud van draagvlak bij bedrijven en instellingen en scholen in het basis- en voortgezet onderwijs. Reprorecht is betrokken bij relevante ontwikkelingen binnen haar werkterrein.
Governance risico’s: Reprorecht moet als collectieve beheersorganisatie (cbo) voldoen aan de eisen van de ‘Wet toezicht en geschillenbeslechting collectieve beheersorganisaties auteurs- en naburige rechten’ en valt op basis van deze wet onder het toezicht van het CvTA. Ook is de WNT van toepassing op de
bezoldiging van topfunctionarissen. Reprorecht heeft een formele scheiding tussen het bestuur en de directie, alsmede tussen de directie en de feitelijke uitvoering van de operationele processen door medewerkers van Cedar B.V. Reprorecht onderschrijft de VOI©E Governance Code en hecht aan eenheid en bestuurbaarheid van het toezichthoudend bestuur.
Financiële risico’s: Reprorecht int, verdeelt en beheert omvangrijke geldstromen. In de operationele en financiële processen zijn diverse maatregelen van interne controle getroffen, waaronder controle-technische functiescheidingen en gelimiteerde tekenbevoegdheden. De gelden worden geïnd in euro’s en op kasbasis verantwoord. De gelden staan uit bij meerdere grote banken in Nederland. Het bestuur van Reprorecht heeft een Statuut middelenbeheer vastgesteld waarin het beleid met betrekking tot het beheer van de beschikbare gelden is vastgelegd. Voor het middelenbeheer zal Cedar B.V. bij de uitvoering van taken de uitgangspunten zoals neergelegd in het Statuut middelenbeheer volgen en respecteren. De verantwoordelijkheid voor het middelenbeheer ligt bij het bestuur van Reprorecht. De uitvoering van het vastgestelde beleid ligt bij de directie van Reprorecht en de controller van Cedar.
Operationele risico’s: Reprorecht factureert een zeer groot aantal gebruikers en keert vergoedingen uit aan een beperkt aantal beheersorganisaties. De stichting maakt gebruik van de dienstverlening van Cedar B.V., waarbij gebruik gemaakt wordt van complexe geautomatiseerde systemen, waaronder webportals. De beschikbaarheid en betrouwbaarheid van deze systemen is van groot belang. Cedar borgt deze beschikbaarheid en betrouwbaarheid onder meer door toegangsbeveiliging en beveiligingstests door externe partijen.
Bureau en Toezicht
Bureau en Toezicht
Stichting Reprorecht heeft op basis van een dienstverleningscontract de uitvoering van haar activiteiten ondergebracht bij het Centrum voor Dienstverlening Auteurs- en aanverwante Rechten (Cedar B.V.). Cedar voert de volledige facilitaire dienstverlening uit voor zeven auteursrechtenorganisaties (cbo’s):
- Stichting Leenrecht
- Stichting Lira
- Stichting PRO
- Stichting Reprorecht
- Stichting de Thuiskopie
- Stichting UvO
- Stichting VEVAM
Daartoe behoren diensten als ICT, juridische zaken, financiële administratie, communicatie, huisvesting en personeelszaken. Daarnaast heeft Reprorecht zitting in het bestuur van Stichting Cedar, de aandeelhouder van Cedar B.V. Het bestuur van de Stichting Cedar houdt toezicht op de uitvoering ten behoeve van de zeven aangesloten cbo’s. Het bureau van Reprorecht is het uitvoeringsorgaan van het bestuur. De werkzaamheden worden uitgevoerd door medewerkers die functioneel worden aangestuurd door de directeur van de stichting, de heer M.P. Bakker Schut.
Klachten en bezwaren
Klachten en bezwaren
Als Stichting Reprorecht doen wij er alles aan om onze werkzaamheden in de keten van inning en verdeling van vergoedingen zorgvuldig uit te voeren. Reprorecht heeft een klachten- en geschillenprocedure. Klachten over bijvoorbeeld de administratieve afhandeling worden via deze procedure op correcte wijze afgehandeld. In het verslagjaar hebben wij één klacht ontvangen en afgehandeld.
VOI©E
VOI©E
Stichting Reprorecht is lid van de Vereniging van Organisaties die het Intellectueel eigendom Collectief Exploiteren, kortweg VOI©E. De vereniging streeft ernaar het begrip voor de uitoefening van het auteursrecht en de naburige rechten te vergroten en de informatie over de werkwijze van collectieve beheersorganisaties te verbeteren. VOI©E fungeert namens de collectieve beheersorganisaties als aanspreekpunt voor vragen over de collectieve uitvoering van het auteursrecht en naburige rechten. Daarnaast vervult VOI©E de functie van meldpunt voor kritiek of klachten. Reprorecht onderschrijft VOI©E Governance code. Meer informatie hierover vindt u op de website van VOI©E.
College van Toezicht Auteursrechten (CvTA)
College van Toezicht Auteursrechten (CvTA)
Op 15 juli 2003 is de Wet toezicht collectieve beheersorganisaties auteurs- en naburige rechten in werking getreden (‘Wet toezicht’). Deze wet heeft geleid tot de instelling van het College van Toezicht Auteursrechten (hierna: CvTA). Het CvTA is belast met het toezicht op de inning en de verdeling van vergoedingen door collectieve beheersorganisaties. Het CvTA ziet er onder meer op toe dat deze collectieve beheersorganisaties een overzichtelijke administratie bijhouden, de verschuldigde vergoedingen op rechtmatige wijze innen en tijdig verdelen onder rechthebbenden, transparante tariefstructuren hanteren en voldoende zijn toegerust om hun taken naar behoren uit te voeren.
Het College van Toezicht Auteursrechten is als volgt samengesteld:
- Dhr. drs. A.J. Koppejan, voorzitter
- Mw. dr. L.N.M. Kroon
- Dhr. mr. M.R. de Zwaan
Het CvTA wordt ondersteund door secretaris-directeur mw. mr. W.E. Hoge.
Commissie van Beroep
Commissie van Beroep
Een rechthebbende kan bij de Commissie van Beroep in beroep gaan tegen beslissingen van Stichting Reprorecht. Het gaat hier om beslissingen waartegen op grond van artikel 11 van de statuten resp. artikel 9 Reglement Uitkeringen van Reprorecht de mogelijkheid voor beroep open staat. Sinds 2015 heeft de Commissie geen beroepschrift ontvangen. Op onze website www.reprorecht.nl vindt u de contactgegevens van de Commissie van Beroep en het Reglement van Beroep.